Beroepsorganisatie voor Specialisten in Bedrijfsoverdracht

cases

ervaringsverhalen

Blog | Bedrijfsoverdracht binnen de familie

Bedrijfsoverdracht binnen de familie is soms een lastige opgave. Enerzijds zijn er familiebanden die kwetsbaar zijn. Vaak zijn er verwachtingen over en weer misschien niet helemaal expliciet naar elkaar uitgesproken. Een bedrijfsovernameadviseur kan betrokkenen dan helpen om te komen tot een objectieve en rationele belangenafweging.

Naast emotionele zijn er fiscale en financiële aandachtspunten. Met een beetje goede hulp worden vervelende financiële gevolgen voorkomen. Daarom is het van belang om u tijdig te laten adviseren en begeleiden. Dit om het pad naar een bevredigende bedrijfsopvolging te effenen.

Een concrete casus uit de praktijk van bedrijfsoverdracht van een familiebedrijf  maakt duidelijk hoe knelpunten worden weggenomen.

Voorafgaande aan de bedrijfsoverdracht is de situatie als volgt. Vader houdt in privé 60% van de aandelen in een Werk BV. Zoon houdt 40% van de aandelen. Die situatie ontstond vier jaar geleden toen vader, aanvankelijk de houder van 100% van de aandelen, 40% verkocht aan zijn zoon. Dat was ingegeven door de goede commerciële capaciteiten van zoon. Door de aandelenoverdracht wilden de ouders de zoon aan het bedrijf binden. Maar gelijk ook een meerderheidsbelang houden. Dit vanwege de zeggenschap. Zo ontstond een klassiek familiebedrijf!

Maar nu is vader inmiddels 67 jaar. Voor hem is het moment aangebroken om te stoppen. Deze uittreding betekent de overdracht van de 60% van zijn aandelen. Natuurlijk als beoogd aan zijn zoon.

Bij de overdracht van een bedrijf binnen de familie kijkt de belastingdienst kritisch mee. Want verkoop tegen een te lage overdrachtsprijs heeft zo het karakter van een schenking, met daarbij dus een onmiddellijke heffing schenkingsrecht. Dat wil natuurlijk niemand.

De overnameadviseur bepaalde de economische waarde van de aandelen. Deze werd vastgesteld op €1.250.000 voor de 100%. Dit bedrag was niet alleen voor de fiscus acceptabel, maar uiteindelijk ook voor vader en zoon.

Zo’n overeenstemming tussen vader en zoon is op zich al een lastig vraagstuk. Omdat  financiële belangen niet altijd gemakkelijk te rijmen zijn. Vader wil uit de verkoopopbrengst natuurlijk kunnen genieten van een zorgeloze oudedag. Zoon wil voorkomen dat hij, door een te hoge koopsom, financieel knel komt te zitten. Bijvoorbeeld als de winstgevendheid op termijn onder druk komt te staan.

Daarbij spelen vaak ook emotionele aspecten. Deze verstoren dan het zakelijk denken en handelen tussen de betrokken familieleden. Ook hier kan een goede begeleiding helpen om tot een bevredigende oplossing te komen.

Nu eenmaal de koopsom is vastgesteld dient zich het vraagstuk aan van de betaling daarvan. Vervelend genoeg bleek de juridische structuur fiscaal niet optimaal. Vader en zoon houden ieder hun aandelen in privé. Bij de bedrijfsoverdracht krijgt vader dus te maken met een onmiddellijke aanslag inkomstenbelasting, box 2. In dit geval gaat het om een bedrag van afgerond €200.000.

Dat is dan wel even schrikken. Want vervelend genoeg kan de zoon de koopsom van 60% van de aandelen à €750.000 niet onmiddellijk betalen. Hij kan maar €50.000 bij de aandelenoverdracht betalen. De rest, €700.000 moet hij schuldig blijven. Dus van vader lenen in de vorm van een verkoperslening.

Vader ontvangt dus onmiddellijk maximaal €50.000 van zoon. Maar moet wel onmiddellijk €200.000 aan de belastingdienst betalen. Die €150.000 heeft vader ook helaas niet op zijn bankrekening staan. Zo dreigt het mooie plan voor de bedrijfsoverdracht in duigen te vallen.

Gelukkig kent de overnameadviseur een uitstelregeling voor de betaling van die €200.000 belasting. Dat is geregeld in fiscale regels. Zo krijgt vader een renteloos uitstel van betaling van zijn belastingschuld. Die moet dan in 10 jaar worden afbetaald. Dus ieder jaar €20.000. Voor vader is ook fijn dat dat uitstel van de betaling renteloos is.

Zo wordt met het juiste advies een belangrijk obstakel weggenomen. Nu is de fiscale uitwerking van de bedrijfsoverdracht voor vader en zoon ook financieel haalbaar.

Fraai, maar toch niet geheel zonder zorgen. Want die lening van vader aan zoon van €750.000 minus €50.000 valt voor vader in box 3. Deze is voor vader fiscaal niet verrekenbaar wanneer Werk BV financieel in de problemen komt. Dan kan Werk BV de aflossing en schuld niet dragen. Maar de belastingschuld van vader blijft wel bestaan. Die moet vader gewoon netjes in 10 jaar aflossen.

Helemaal optimaal was geweest als vader en zoon ruim van te voren bij hun overnameadviseur hadden aangeklopt. Dan had vader zijn aandelen in een Holding BV kunnen overbrengen. Dan had hij gebruik kunnen maken van de deelnemingsvrijstelling. Dan was er nog helemaal geen belasting verschuldigd. Dat was natuurlijk optimaal geweest! Dus wat is de conclusie: op tijd beginnen met bedrijfsoverdracht loont.

Deze casus maakt duidelijk dat zo’n bedrijfsopvolging van het familiebedrijf goed te regelen is. Wanneer u maar tijdig de plannen gaat bespreken. Om zo de juiste stappen te zetten. Dit om te komen tot een fiscaal vriendelijke structuur. Om fiscale brokken te voorkomen. Maar ook om de financiële belangen en risico’s tussen vader en zoon te wegen. En deze zo te brengen tot een –voor alle betrokkenen- acceptabele uitkomst.

25 augustus 2020

© Peter Schuitmaker, BBO&F BREDA, gecertificeerd BOBB lid